Bij spanning, stress of dreiging spelen diepere hersengebieden een belangrijke rol. De amygdala, onderdeel van het limbisch systeem, scant voortdurend op gevaar en activeert razendsnel een reactie. Vervolgens stuurt de hersenstam automatische overlevingsmechanismen aan, zoals vechten, vluchten of bevriezen.

Deze processen verlopen grotendeels buiten het bewuste denken om. Ze bepalen hoe je reageert — soms mét, maar vaak zonder tussenkomst van de neocortex.

Praten en reflecteren doen vooral een beroep op de prefrontale cortex, het deel van het brein dat betrokken is bij analyse, taal en rationele afwegingen. Wanneer iemand echter sterk gespannen, angstig of emotioneel geactiveerd is, neemt het stressbrein vaak tijdelijk de regie over. Woorden alleen zijn dan niet altijd voldoende.

Tegelijkertijd verloopt een groot deel van menselijke communicatie non-verbaal: via lichaamshouding, spierspanning, ademhaling en beweging. Het is dan ook niet vreemd dat veel mensen zich uiten via fysieke of creatieve vormen.

Bokstherapie sluit hier direct op aan. Door het lichaam actief te betrekken:

  • wordt het stresssysteem zichtbaar en voelbaar
  • kan spanning gereguleerd worden
  • ontstaat ruimte voor bewustwording en nieuwe keuzes

Zo werken lichaam en brein samen aan duurzame verandering.

Vanuit deze samenwerking begrijpen we het brein vaak in drie niveaus:

Hersenstam (reptielenbrein)

Regelt overlevingsreacties zoals vechten, vluchten en bevriezen. Deze reacties zijn reflexmatig en automatisch. Bokstherapie helpt om deze reflexen bewust te herkennen en de vechtenergie constructief in te zetten voor verandering.

Limbisch systeem (zoogdierenbrein)

Hier bevinden zich emoties, motivatie en sociale verbinding. Langdurige stress of ingrijpende ervaringen kunnen dit systeem ontregelen. Lichaamsgerichte oefeningen en beweging ondersteunen de regulatie hiervan.

Neocortex (mensenbrein)

Verantwoordelijk voor taal, analyse en planning. Onder hoge spanning kan dit deel tijdelijk minder toegankelijk zijn. Daarom is praten soms niet voldoende. Beweging helpt om de samenwerking tussen alle breindelen te herstellen.